Ik heb leren altijd al leuk gevonden. Ik weet nog goed dat ik mijn eerste topografie al zingend op de overloop aan het leren was. Zodra ik de toets had, hoefde ik alleen het melodietje boven te halen of alle antwoorden kwamen vanzelf voorbij. Ik maakte de toets nooit van boven tot onder, maar vulde de antwoorden in zoals ze in het lied naar voren kwamen. En als ik dan midden in de gang aan het leren was, kwamen zo nu en dan mijn ouders of zussen voorbij die, zo galant als een kat, netjes over me heen stapten om me niet uit mijn concentratie te halen. Soms bleven ze even staan luisteren en zongen ze een stukje mee.
Op dit moment puilt mijn boekenkast dan ook uit van de informatieve boeken. Leesboeken staan er maar weinig, die lees ik een keer en dan gooi ik ze weg. Bij hoge uitzondering bewaar ik er een om later nog eens te lezen.
Ik vind bij verhalen de herinnering vaak beter. Natuurlijk geniet ik ervan als ik het lees, maar het verhaal herinneren zorgt ervoor dat ik het zelf kleur. Mijn eigen gedachten gaan het verhaal aanvullen en daarmee zegt het meer voor mij dan het originele verhaal. Bij een informatief boek vind ik de informatie dan ook van de schrijver of een algemeen goed, als ik een roman lees dan is de tekst van mij, de lezer, ook al heeft iemand anders deze geschreven. Herlezen is dan ook niet meer nodig. (Dat is wellicht ook de kracht van een roman als je iemand ergens van wil overtuigen.
Alleen maar kennis opdoen echter frustreert. Wanneer ik op vakantie ga en de tweede dag een museum bezoek, op mijn gemakje rondloop, en de rest van de vakantie de bijbehorende boeken, die ik gekocht heb in het museum, doorspit, dan ben ik aan het eind van die vakantie, als de boeken grijs gelezen zijn, helemaal gefrustreerd. Ik heb een ontzettend leuke vakantie gehad, was gedurende het verblijf helemaal zen, maar ben na afloop ontzettend gespannen. Ik heb namelijk kennis tot me genomen waarvan ik niet weet wat ik er mee moet, maar waar ik wel zo enthousiast van word dat ik zeker weet dat ik er iets mee zal doen. Op dat moment komen er vanzelf allerlei ideeën voor verhalen of passages waarin ik de opgedane kennis kan gebruiken.

Ook een avondje surfen op het internet levert nieuwe kennis en daarmee nieuwe ideeën op. Ik begin met het zoeken naar een nieuw computerscherm en voor je het weet, ben ik van alles aan het bestuderen over de schermsport. Tijdens deze ministudie kwam ik erachter dat Vanessa in haar jeugd ook schermde. Blijkbaar stond de sport symbool voor de band die ze met haar vader opgebouwd heeft. Ze werd de vlinder met de angel.
Op twee belangrijke momenten komt deze opgedane kennis van pas. Het eerste fragment begint dat Chris plotseling voor de neus van Leon staat. Er ontstaat een schermduel, luister mee.

Fragment 1: H8, pagina 58

Naast het duel tussen Chris en Leon wordt er ook vooruit verwezen naar hoofdstuk 11, waarin Leon een herinnering bekijkt uit de kinderjaren van Vanessa. Ze is op de sportschool met haar vader en heeft daar een schermwedstrijd tegen een jongeman.

Fragment 2: H11, pagina 77

Niet alleen is het een aardige vooruit verwijzing en in mijn ogen een bevestiging dat we in beide fragmenten met Chris te maken hebben, ook is het voor mij een taalspel. Een passage schrijven waarin je een schermduel kunt lezen was voor mij de uitdaging en ik heb dan ook met groot plezier het eerste fragment geschreven. Ik heb me een hele avond kunnen verdiepen in het schermen. Alleen die zoektocht was al een feest met een pot bier en het voltooien (en vooral het teruglezen) van de passage, wetende dat ik de opgedane kennis heb kunnen gebruiken, gaf me kippenvel.
Vaak is schrijven gewoon gedisciplineerd bikkelen totdat er voldoende woorden op papier staan waarmee ik het verhaal kan schrijven (herlezen – aanpassen – herlezen – aanpassen – helft schrappen – aanvullen – herlezen -aanpassen…), maar om een fragment als dit te schrijven is geen discipline nodig. Het is gewoon gezond verslavend. En als ik zo’n passage dan teruglees, heb ik de rust en energie gevonden waar ik mijn vorige vakantie veertien dagen naar gezocht heb.