Een fragment is een (poëtisch) kort verhaal van ongeveer 700 woorden. Hieronder de eerste alinea van de fragmenten die terug te vinden zijn op deze site. Interesse gewekt? Klik op ‘… lees meer’ om naar de pagina te gaan met het hele verhaal.

Kroos
Het eerste wat afneemt is het geluid. De klanken worden dof. Het verkeer van de drukke straat verdwijnt op de achtergrond, zelfs de vrachtwagen die de ramen laat trillen ontglipt me. Mijn neusvleugels trekken vacuüm hoe hard ik ook zuig. Zweet druipt uit al mijn poriën. Mijn shirt plakt aan mijn borst en rug. Ogen wijd open, knipperen lukt niet meer. Ze voelen droog aan ondanks de tranen die steeds sneller vloeien. Het verdriet vult mijn neusgaten; snot druipt over mijn lippen, soms verdwijnt het in mijn mond. Ik proef het niet. Alleen het zoetzure van de appel. Een kleine zucht lucht piept langs de appel naar mijn longen. Mijn keel zwelt en vult de laatste kiertjes op.

… lees meer

Geplant
Hij staat tegenover me, naast de televisie. Zijn bladeren hangen evenwijdig aan de stam, futloos. Ik lig onderuitgezakt in de hoek van de bank. Mijn rug op de zitting waardoor mijn kruin amper boven de armleuning uit komt. Mijn benen liggen gespreid op de salontafel. Tussen mijn voeten door zie ik hem staan, hoewel ik kijk naar de televisie. Het beeld is zwart. Te lui om op te staan en de afstandsbediening te pakken. Dus lig ik te kijken naar de reflectie van mijn zolen, die ik zou kunnen gebruiken om hem water te geven zodat de bladeren weer kracht uitstralen. Ik blijf liggen.

… lees meer

Zandbak
De assistente vraagt me binnen. De tandarts zelf is te belangrijk; hij is bezig handschoenen aan te trekken. Tegen beter weten in klauter ik op handen en voeten naar het zitvlak van de kleverige leren behandelstoel, een toonbeeld van de moderne esthetica en comfort. Ik druk mijn rug in de plas zweet van mijn voorganger. De assistent moet hem een keer vergeten zijn schoon te maken.

… lees meer

Konijnen op het kerkhof
Het vriest, de lucht is bewolkt, de mensen staan ineengedoken tussen sjaals en mutsen ongeduldig te wachten op het perron. De meesten staan binnen de zes overdekte vierkante meters omringd door reclame en illusies van goed weer, halfnaakte dames die de zomerbestemmingen aanprijzen. Eén hand met handschoen verdwijnt in de jas onder de oksel om extra warm te houden, de ander is ontbloot om op de telefoon te kunnen kijken of het morgen beter wordt. Ik word warm van het uitzicht, niet van de verwachte reizen, maar van een kerkhof aan de achterzijde van het station.

… lees meer

Pudding
De teamleider opent de vergadering, een zitting tot aan het einde van de dag. De planning wordt doorgenomen. Een herhaling van wat op de mail stond, dus heb ik de kans wakker te worden met een kop koffie. Vanmorgen heb ik tot drie keer toe in mijn slaap de wekker uitgezet. Mijn vrouw maakte me nog net op tijd wakker. Zonder ontbijt ben ik naar het station gerend, naar de trein die gelukkig een paar minuten vertraging had. Net voor de opening kon ik aansluiten bij de koffieautomaat. Nu zit ik hier de soep uit mijn ogen te wrijven en mijn pupillen af te stemmen op het licht.

…lees meer

Sprookjesdier
De eerste plek waar ik naartoe ga, is het Marerijk. Lekker nostalgisch ronddwalen tussen de verhalen van Moeder de Gans, kindvriendelijk gemaakt door de gebroeders Grimm. Een afschuwelijk initiatief waardoor ik nu een plek moet zien te veroveren bij de succesvol opgevreten grootmoeder van Roodkapje. Trappelende kinderen door de, zo te ruiken, overlopende blaas met hun gezicht gedrukt tegen het raam om te zien dat oma’s neus wel erg groot is geworden. Ik ga aan de rechterkant van het raam staan, de jongedame naast me blokkeert het zicht. Ik tik op haar linkerschouder, waardoor ze omdraait en ik mezelf ervoor kan drukken. Kont naar achter en het kind  geeft me de ruimte die ik verdien. Ik zie de reflectie van mijn blonde lokken als ik naar de wolf kijk.

…lees meer

Brave jongen
Daar ligt hij in zijn mand, onze familievriend. Zijn harige kop altijd in model. Hij ligt te wachten. Al tien jaar in dezelfde mand. Ooit hebben we die te groot gekocht, nu past hij er bijna niet meer in. Zijn poten hangen over de rand, zijn kop hangt  ertussen. De staart ligt naast zijn neus als aandenken aan vroeger toen hij er enthousiast achteraanrende. Duizelig worden van het speelgoed dat hij altijd bij zich draagt.

…lees meer